De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
Psalmen 129
Een bedevaartslied. Van jongs af heeft men wreed mij mishandeld, Mag Israël wel zeggen; Mij hardvochtig gekweld sinds mijn jeugd, Maar nooit mij gebroken. Ploegers hebben mijn rug beploegd, En lange voren getrokken; Maar Jahweh bleef trouw: De riemen der bozen sneed Hij stuk. Beschaamd moeten vluchten Alle haters van Sion. Ze zullen worden als gras op de daken, Dat vóór het opschiet, verdort; Waarmee geen maaier zijn hand kan vullen, Geen hooier zijn arm. En niemand zal in het voorbijgaan zeggen: “De zegen van Jahweh over u; Wij zegenen u in Jahweh’s Naam!”
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939. Public domain. Source: eBible.org. Typeset from the source files; no intended changes to scripture wording. BibleKenya is not endorsed by the rights holder.
Full source notice & licence · SourceEdition imported 2026-10-25.